Générateur néerlandais de faux textes aléatoires

Lorem ipsum a généré 27 paragraphes pour vous.
Vous pouvez utiliser ce texte lorem ipsum dans vos maquettes, sites web, design, ebook... Le texte généré aléatoirement est libre de droit.

Le faux texte a bien été copié

Hollandsche jongen, het is waar, slaat zijne bokken hardvochtig, maar in t geven van roggebrood aan diezelfde dieren heeft hij zijns gelijken niet.De Hollandsche jongen is veel minder ingenomen met de leerwijze van Prinsen dan de Hollandsche schoolmeester maar wat de opvoeding van plakkers en paapjes betreft, hierin zou hij een examen kunnen doen voor den eersten rang.

evenwel was hij een beste, eerlijke, trouwe jongen, prompt in zijn zaken, stipt in zijn zeden, godsdienstig, en zelfs in den grond goedhartig.Maar er was iets in hem ik weet het niet dat maakte dat ik met hem niet op mijn gemak was iets lastigs, iets impertinents, in één woord iets volmaakt onaangenaams.

tergen, en een oogenblik zult gij ze in hun kracht zien. Wee onzer, zoo dat waar is Neen, het is eene tooneelvertooning.Zij worden tot acteurs vernederd.Hun woede is die van operahelden, van beleedigde vaders in de vaudeville.

v.dat de oudste de wijste zijn moeten.Ik spreek van al die rampen niet, want mijn stuk is reeds veel te lang.Mocht het maar sommige mijner lezers bewegen, om nog kiescher te worden omtrent de jonge harten der kleinen en nog oplettender om hun kleine verdrieten te sparen en groote genoegens onbeknibbeld te laten genieten.

bloemliefhebber kreeg een kleur als een Cactus Speciosa, om welke te verbergen hij in verwarring naar zijn zakdoek greep om zijn neus te snuiten, zoodat de maan weer plotseling door de wolken brak, tot groote vroolijkheid van een gezelschap Amsterdamsche juffrouwen en heeren uit een manufactuur-winkel, dien zich op dien merkwaardigen dag op zijn minst voor staatjufferen en kamerheeren van Z.

Kende hij mijn lievelings-auteur, hij haalde er in gezelschap de leelijkste plaatsen uit aan, met bijvoeging van zoo als Hildebrands hooggeloofde die of die zegt.Waagdet gij nog eens een oude anecdote, die u veel genoegen verschaft had, waarvoor gij dus billijk eenige genegenheid voeddet, en waarvan gij u ook deze maal nog al vrij wat beloofdet, omdat allen zich hielden als of zij haar niet kenden hij bedierf er de uitwerking van, door juist als t op de aardigheid aankwam, het verhaal al raffelende voor u af te maken, van den Enkhuizer Almanak van t jaar één te spreken, en te zeggen dat alle anecdotes laf zijn, en dit er een was, die hij honderd malen van u gehoord had.

meester zit er niet meer met slaapmuts en kamerjapon en een ontzettende plak in den katheder, en brengt ons niet langer door de verschrikkelijkheid zijner oogen en gebaren tot een punt van angst, waarin wij als de jongen van ouds zouden willen bekennen, dat wij zelf de wereld geformeerd hadden, maar t nooit weer zouden doen, liever dan het antwoord schuldig blijven op de eerste vraag van het vrageboek.

Leidschen makker bij mij gelogeerd, met wien ik te Zomerzorg eten zou, om vervolgens over Velzerend naar Velzen te wandelen, waar wij den nacht zouden doorbrengen om s morgens naar de Breezaap te gaan en aldaar wat te botaniseeren, waarvan wij beide groote liefhebbers zijn.

rooden muil en bespatte manen rustig zien nederliggen, zijn zege genietende, trotsch op zijn koningschap.Welnu die Koning der dieren, die schrik der woestijn, die gedachte, die woedende, is hier.Ziedaar de antichambre van zijn paleis it van voren open vertrek, middending tusschen een salon, een kantoor, en een tentoonstelling van schilderijen.

Rampen, die benauwen, kwellen en schokken, en die niet zelden een grooten en hevigen invloed hebben op de vorming van het karakter.De eerste en grootste hebben wij al gehad.Het is, met verlof van Pestalozzi en Prinsen, de school.Dat is een kanker een dagelijks weerkeerend verdriet.

ijselijk als gij een verren neef of halfvergeten vriend overkrijgt, die u vriendschappelijk dringt hem het Leidsch museum te laten zien, en ge moet, terwijl gij liever de bekoorlijken op Rapenburg en Breestraat gadesloegt, met hem op een schoonen voormiddag de eene zaal na de andere doordrentelen, zonder iets te zien dan natuurlijke historie, zonder ergens een knie te buigen en het is er kelderachtig koud Maar zoo het er op aankomt om vreemde dieren te zien ik zie ze liever daar dan hier.

lucht is donker de wolken zijn dik en drijven onstuimig en snel heen en weder de maan scheurt ze nu en dan met een waterachtigen straal.De wind huilt door t gebergte de regen ruischt van verre gromt de donder.Ziet gij daar dat gevaarte, met dichte struiken bewassen, zich afteekenen tegen de lucht ziet gij daarin die donkere rotskloof, beneden, gapende, boven zich verliezende in heesters en distelen Het bliksemt ziet gij ze Houd uw oog derwaarts gericht.

duizend en een species van het genus Haarlemmer bekend is, weet dat zij allen des zondags haar verschillenden wandeltijd hebben iets, t welk zeer natuurlijk wordt, als men aan den verschillenden eettijd denkt, en daarbij in t oog houdt dat er veel menschen naar de middagkerk gaan, terwijl een groot gedeelte niet weet dat er een middagkerk is.

Hertebaan vertoonen zich hier en daar een paar jonge dames, in t bloote hoofd, en in een costuum, dat zij zoo geheel buiten noemen, en t welk voornamelijk gekenmerkt wordt door sterk gekleurde zijden schortjes, bezig met aan de lieve beestjes eten te geven.

Hier, op dit wagenstel, in dit roode hok, zes voet hoog en zes voet diep, ligt hij.Ja, hij is het wel.Ik zweer u dat hij het is.Zijne pooten steken onder tusschen de traliën uit dat zijn leeuweklauwen.Zijn staart, die geesel schikt zich naar den rechthoek van zijn verblijf.

zoudt gij dan het eigenaardige van hunne houding kunnen raden Ze zijn hier als planten in een kelder zij verkwijnen zij zijn in een droevigen staat van ongevoel, een naren dommel verzonken.Zij sterven sinds maanden.Het licht hindert hen.Zij zien er dom, verstompt uit.

opvoeding boven zijn stand had hem, geloof ik, die lompe aanmatiging gegeven en onverstandige ouders hadden hem te vroeg er aan gewend om zijn jong oordeel over een iegelijk, die hun huis bezocht, met toejuiching te zien ontvangen.Van daar dat hij niets had van dien kieschen terughoudenden schroom, die even bang is om te beleedigen als om beleedigd te worden niets van die zachte humaniteit, die men, ondanks alle gezag van spreuken als Ingenuas didicisse fideliter artes etc.

niettemin van goederhand verzekerd, dat opgemelde neef èn de edelmoedige menschenredding èn het geval der drie Leidenaars, nog dien zelfden avond, met zichtbare blijken van zelfbehagen heeft medegedeeld op de diligence gelijk hij ze ook beiden des anderen daags wist te pas te brengen op Doctrina, aan zijn tafel, en in de Munt, en in den loop van de week te pas te jagen op twee concerten en in vijf koffiehuizen zoodat ik met grond onderstel dat hij er nu de harten der liplappen en der blauwen in de West mee verkwikt en al wie de eerste niet verbazend en de laatste niet om te schreeuwen vond, wist 30 hij oogenblikkelijk iets stekeligs te zeggen op het gevoelig punt van bakkebaarden en stropdassen.

ernst voor uw hoed op te nemen, is wat al te gek.Het met een hé, vindje dat af te laten loopen, verraadt volslagen gemis van tegenwoordigheid van geest.Te repliceeren met een hatelijkheid op des critici eigen hoed, is wat kwajongensachtig.

Inderdaad, natuur en rede geven deze hoop aan de hand.De ondervinding leert het echter meestal anders.Op den zevenden dag het was een zondag uw kleine theegoedje stond klaar op uw kleine tafeltje en uwe stoeltjes stonden er bij klaar met twee poppen de nieuwste voor u, en de oudste voor uw nichtje Keetje, die bij u te spelen kwam en s avonds zoudt ge een tulbandje bakken van gestampte beschuit en melk en een boterham met aardbeien zou alles bekronen.

Waarlijk, lieve dame, die de wereld zoo trouweloos en de mannen zoo wuft vindt la perte des illusions kan op uwe jaren nauwelijks zoo zwaar wegen als la perte des dents op de hunne.Herinnert ge t u nog wel Gij voelde neen, gij voelde toch niet ja, helaas, gij voelde maar al te zeker dat gij een dubbelen tand hadt.

Heerscht, dwingt, gebiedt, overweldigt, beschikt zet uw krijgsburcht op den rug der elefanten legt uw pak op den nek der buffelen, zet uw tanden in het oor van onagers, jaagt uw lood door het voorhoofd der tijgers, en maakt hun vacht tot schabrak uwer paarden overwint als een Cesar de wereld, en spant als een Cesar vier leeuwen voor uw triomfkar.

species rangschikt, en men tevens achtslaat op de vreemde vogelen, die uit andere luchten op een zonnigen zondag komen aanwaaien, dan zal men een aaneengeschakelde opvolging hebben, niet ongelijk aan die der elkander, naar de schoone vergelijking van Homerus, als boombladeren wegstootende geslachten in het bestaan des menschdoms, of aan die der elkander voortstuwende barbaren van het Europa der vijfde eeuw.

dolgraag op een paardemarkt, en wandelt op de parade voor de tamboers uit, met den rug naar de mooie mannen toe.De Hollandsche jongen encanailleert zich lichtelijk, en noemt spoedig over uit een woordenboek, dat aan Hollandsche moeders niet bevalt maar hij heeft ook weinig aanmatiging jegens de dienstboden.

dichtertjes geweest zijn van zeven, acht, of negen jaar, die hun actueel geluk zoo onvoorwaardelijk hebben geprezen.En toch dezulken waren er de naaste toe.Toen ik op de Hollandsche school ging, maakten wij in de hoogste klasse, bestaande uit heeren van negen tot tien jaar, allen des woensdag-voormiddags een opstel, soms over een gegeven, soms over een door onszelven gekozen en uitgedacht onderwerp.

wezenlijk, de Hollandsche jongens zijn een aardig slag.Ik zeg dit niet met achterstelling, veel min verachting, van de Duitsche, of Fransche, of Engelsche knapen, aangezien ik het genoegen niet heb andere dan Hollandsche te 2 kennen.Ik zal alles gelooven wat Potgieter, in zijn tweede deel van het Noorden, over de Zweedsche, en wat Wap in het tweede deel van zijne Reis naar Rome, over de Italiaansche in t midden zal brengen maar zoolang zij er van zwijgen, houd ik het met onze eigene goed-gebouwde, roodwangige, sterkbeenige en, ondanks de veete tegen de Belgen, voor t grootst gedeelte blauwgekielde spes patriae.

kwade kant van den edelen groei, dat hij bij de individuen verschilt, en zelfs zóó, dat bij sommige tegen het geprezene grootworden, het verwijtende kleinblijven o verstaat.Nu is het niet pleizierig, ieder keer als men een boodschap van papa of mama komt doen, of bij Lodewijk of Doortje spelen komt, altijd door mijnheer of mevrouw, of de juffrouw, of de meid somtijds, tegen Lodewijks of Doortjes rug gezet te worden, om met de ververschte overtuiging dat men een hoofd of een half hoofd kleiner en een ware peulschil is, naar huis te gaan.