Lorem ipsum a généré 42 paragraphes pour vous.
Vous pouvez utiliser ce texte lorem ipsum dans vos maquettes, sites web, design, ebook... Le texte généré aléatoirement est libre de droit.
Le faux texte a bien été copié
enz.alles opgestopt en in rust gehouden door een bonten zakdoek.De Hollandsche jongen maakt in t voorjaar eene verzameling van uitgeblazen eieren in het uithalen van nestjes geeft hij blijken van kracht en behendigheid, en misschien van den aanleg tot de zeevaart, ons volk eigen in het inkoopen van vreemde soorten, bewijzen van onverstoorbare goede trouw en in het verkwanselen van zijne doubletten, van vroegtijdigen Hollandschen handelsgeest.
natuuronderzoeker, die des zondagsmorgens de kerk verzuimt of naar de vroegpreek is geweest wat ik liever onderstellen wil en om tien uren, half elf, in Den Hout komt, op het Plein of bij den Koekamp de naam is niet welluidend, eenige zwermen feestvierende vogels van den Haarlemmerdijk inhalen, per schuit van zevenen uit Amsterdam vertrokken.
Sommige verdenken hem van een stilleverklikker te zijn ik geloof het niet maar indien hij het is, dan is hij het zeker alleen maar om aan de kindskinderen te verklikken op wat wijze hunne grootvaders in Den Hout hun geld verteerden.In dezen toestand blijft Den Hout tot elf uren of half twaalf.
zoudt gij dan het eigenaardige van hunne houding kunnen raden Ze zijn hier als planten in een kelder zij verkwijnen zij zijn in een droevigen staat van ongevoel, een naren dommel verzonken.Zij sterven sinds maanden.Het licht hindert hen.Zij zien er dom, verstompt uit.
haspel in een flesch men weet niet hoe t mogelijk is dat hij er inkwam Een ziek soidaat een grenadier met geweer en wapens, berenmuts en knevels foudre de guerre in een schilderhuis Simson met afgesneden haar Napoleon op St.Helena.Als gij in t midden van deze tent staat, tusschen staatsiegordijnen en schoorsteenvallen, en ijzeren tralies, en onderstellen van wagens, en wilde dieren als gij uw oog slaat op al die vernederde schepsels waan niet dat gij leeuwen, dat gij tijgers, dat gij gieren, arenden, hyenen, beren ziet.
krimpt toe, als het bedenkt wat er, ook van u, worden moet.Of zult gij, die daar beurtelings een frisschen beet uit een zelfden appel doet, in later jaren nooit gewaar worden dat het noodig is den appel in een hoek te nemen en alleen op te eten ja, de schillen weg te stoppen, en de pitten te zaaien voor uwe nakomelingschap En gij die daar geduldig 4uw sterker rug leent aan uw vlugger vriend, die zich op uwe schouders verheft om in den boom het spreeuwenest te zoeken, dat heel hoog ligt zal de ondervinding u de verdrietige wijsheid onthouden, dat het beter is zelf een ladder te krijgen, en zelf het nest uit te halen, dan een goeden dienst te doen en af te wachten óf en hoe men u zal beloonen Dat is de wereld.
duizend en een species van het genus Haarlemmer bekend is, weet dat zij allen des zondags haar verschillenden wandeltijd hebben iets, t welk zeer natuurlijk wordt, als men aan den verschillenden eettijd denkt, en daarbij in t oog houdt dat er veel menschen naar de middagkerk gaan, terwijl een groot gedeelte niet weet dat er een middagkerk is.
Liever een museum dan een menagerie. t Is waar, het knekelhuis, dat gij eerst door moet wandelen, neemt een goed deel van de illusie weg de anatomie, gelijk alle analyse, is schadelijk aan de poëzie maar de opgezette dieren zijn niet vernederd.Hier ronken zij niet, hier slapen zij niet, hier sterven zij niet, hier zijn zij dood.
dofheid, geen traagheid, geen luiheid hier koude en ongevoeligheid.Het is hier als in hun onderwereld gij ziet hunne schimmen, hunne omtrekken, hunne ε δωλα Aan hun stoffelijk omkleedsel, hun houding, hun stand moge door opvulling en kunstenarij een weinig zijn te kort gedaan, maar de ziel gij gelooft toch dat de dieren een ziel hebben wordt hier niet verdoofd of verminkt.
geloof niet dat het denkbeeld daarvan ooit onder eenig blond of bruin kinderhaar is opgekomen.Neen, neen de school is zoo goed als zij zijn kan.De school wordt, naar de nieuwste verordeningen, zoo aangenaam en dragelijk mogelijk gemaakt.Maar hare genoegens zijn ten hoogste negatief.
Waarlijk ik houd het er voor, dat de meeste rekenboekmakers afstammelingen van koning Herodes zijn 9 Uit al wat ik tot nog toe in het midden heb gebracht, zal zonneklaar blijken, dat de school de plaats niet is om het kinderlijk gemoed te doen overstroomen van het besef van geluk en genot.
volgen, tegen halftwee, twee uren, de deftige bewoners uit de stad.De fabrikant met zijn familie, de notaris met zijn familie, de boekhandelaar met zijn familie, en de wereldsche kinderen van den geestelijke, zonder hunne ouders.Ook komen nu de bloemisten van den Kleinen Houtweg met vrouw en kroost opzetten.
bijna overtuigd zijn, dat mijn beminnelijke neef Nurks, de eerste maal dat hij er mij mee zag, met den hatelijksten glimlach van de wereld en met een soort van ontevredene verbaasdheid zeggen zou Wat een weergaschen gekken hoed heb jij op.
Gegroet, gegroet, gij vroolijke en gezonde, lustige en stevige knapen gegroet, gegroet, gij speelsche en blozende hoop des vaderlands Mijn hart gaat open als ik u zie, in uwe vreugde, in uw spel, in uw uitgelatenheid in uw eenvoudigheid in uw vermetelen moed.
poetjes van gratietjes, zei Nurks lachende, en luid genoeg om een langen procureursklerk mee te doen lachen, die veel verder van hem af was dan de gratietjes in quaestie.Het snarenspel begon, Nurks stopte van tijd tot tijd den vinger in de ooren, dat toch niet opwekkelijk wezen kon voor drie kunstenaressen, die ook wel wisten dat het zoo heel mooi niet was, en ook niets verder bejaagden dan een dubbeltje of een stuiver van elk der toehoorders, en een weinigje geduld.
gebeurde alzoo dat, als wij drieën om één uur de Houtpoort uittraden, wij noodwendig op hun terugtocht tegenkwamen de kleine winkeliers met de lange roksmouwen, de boekhouders met de watten, de hooghoedigen, de langpandigen, de langlijvigen enz.
verbeeld mij nog al onder de vlijtigste behoord te hebben maar toch, wanneer mijn vader of moeder mij de eer aandeed van aan mijn ooms en tantes te vertellen dat ik altijd blij was als de vacantie uit was, kwam mijn gansche gemoed tegen dat edel denkbeeld dat mij ondertusschen vrij dweepachtig voorkwam op, en ik heb jaren noodig gehad om zekere angstige schuwheid voor mijn respectieve meesters te leeren overwinnen.
Daarna hebt gij een uur gelezen van het model van een braven 8 jongen, zoo braaf, zoo zoet, zoo gehoorzaam, zoo knap en zoo goedleersch, dat gij hem met pleizier een paar blauwe oogen zoudt slaan, als gij hem op straat ontmoette of, indien gij al wat verder zijt, de levensschets van een onbegrijpelijk groot man, wien na te volgen u pedant en wanhopig toeschijnt, en door welke levensschets kunstiglijk een samenspraak is heengevlochten van knapen en meisjes, voor wie gij ook al geen de minste sympathie gevoelt, al staan zij ook waarlijk verbaasd over de ontzettende kundigheden van dien man, daar vader Eelhart of Braafmoed van verhaalt.
Wandelt de natuuronderzoeker voort, dan ziet hij in t voorbijgaan eerst nog een dergelijken troep, die zich in den aanblik van het Paviljoen verlustigt, en waarvan al de individu s, om zich te overtuigen dat het geen droom is, zich met beide handen aan de spijlen van het hek vastklemmen, zich bij geen mogelijkheid kunnende verklaren wat voor aardigheid of vroolijkheid er wezen mag in de groep van Laokoön, maar op dit punt overeenkomende, dat de W in het frontispice Wullem beduidt.
Waarlijk, lieve dame, die de wereld zoo trouweloos en de mannen zoo wuft vindt la perte des illusions kan op uwe jaren nauwelijks zoo zwaar wegen als la perte des dents op de hunne.Herinnert ge t u nog wel Gij voelde neen, gij voelde toch niet ja, helaas, gij voelde maar al te zeker dat gij een dubbelen tand hadt.
jeugd is heilig zij moet voorzichtig en eerbiedig behandeld worden de jeugd is gelukkig, maar men moet zorgen, dat zij zoo min mogelijk deelt in de rampen der samenleving, voor zoo ver zij die in hare jaren kan ondervinden.Men moet haar soms kwellen en lastig vallen tot haar nut maar passen wij vooral op, dit niet te overdrijven Een geheel volgend leven kan geen gedrukte jeugd vergoeden want welke zaligheid zouden latere jaren te stellen hebben tegenover het verspeelde geluk eener schuldelooze jonkheid Neen, ik wil niet naar t beestenspel Ik houd er niet van.
Zomerzorg en de Breezaap heen en hij werkelijk daar was, nam ik er den besten kant van en ik had hem toch ook in zoo lang niet gezien. Best, jongen mijnheer, je dienaar Jongens, wat is me dat end van de Amsterdamsche poort weer tegengevallen Mijnheer moet anders aan lange enden gewoon zijn, merkte Boerhave aan, ik geloof om zijn aardrijkskundige kennis van de hoofdstad te toonen.
Indien gij uit dit kleine voorbeeld van mijn hoed het is in t oog loopend hoe dikwijls hoeden tot voorbeelden dienen niet een vrij beslissenden kijk op mijn neef Nurks karakter hebt, dan zal het heele verhaal, dat ik schrijven ga, nutteloos aan u verkwist zijn, lezer, en dan zal ik ook zoo vrij zijn u tot uw straf te houden voor een sprekend evenbeeld en wedergade van dienzelfden Robertus Nurks.
tergen, en een oogenblik zult gij ze in hun kracht zien. Wee onzer, zoo dat waar is Neen, het is eene tooneelvertooning.Zij worden tot acteurs vernederd.Hun woede is die van operahelden, van beleedigde vaders in de vaudeville.
onbegrijpelijk moeielijk schoon ik gaarne beken, dat de een zich daar handiger in gedraagt dan de ander, en ik niet een van de gauwsten ben nu is het onbegrijpelijk moeielijk, onder eene dergelijke critische verklaring omtrent uw hoed, een tamelijk figuur te blijven maken.
niemand van mijne lezers mij daarom verachten zal, naar de gewoonte van vele menschen, die aan de waarde en het gehalte van genoegens twijfelen, die zij niet in staat zijn te beoordeelen.Mijn neef Nurks behoorde tot dezulken.Het opgemelde plan was met groote opgewondenheid en wederzijdsche goedkeuring gemaakt.
kreeg die zoodra niet in het oog, of hij vroeg mij ongeduldig 29 Wanneer komt nu die mooie equipage, waar je van gesproken hebt En zoo was het telkens, tot groote ergernis van Boerhave, die evenwel nog al aardig vrijliep, maar wiens horlogesnoer ijselijk door Nurks gefixeerd werd, zoodat hij alle oogenblikken dacht dat er iets op komen zou, en eindelijk dan ook zijn rok maar toeknoopte.
steen uit Amsterdam verbrijzelde al die zaligheden, en het gansche plan moest worden uitgesteld onder de voor ons verschrikkelijke gedachte, den geheelen dag in Den Hout te zitten want een fatsoenlijk Amsterdammer komt alleen in Den Hout.De opoffering viel ons moeielijk, en ik verdacht den hupschen Boerhave die niet zooals ik den band des bloeds gevoelde, en daarenboven een onbepaald vertrouwen koesteren moest op de wetenschap, die hij beoefende van den heimelijken wensch, dat mijn liefelijke Nurks, van wien hij zich half bij instinct, half door mijne kwaadsprekendheid, niet veel goeds beloofde, tusschen zaterdagavond en zondagochtend eene kleine ongesteldheid mocht ontwaren, die hem mocht doen besluiten tot een kort briefjen op de eerste schuit enz.
Hier, op dit wagenstel, in dit roode hok, zes voet hoog en zes voet diep, ligt hij.Ja, hij is het wel.Ik zweer u dat hij het is.Zijne pooten steken onder tusschen de traliën uit dat zijn leeuweklauwen.Zijn staart, die geesel schikt zich naar den rechthoek van zijn verblijf.
slaperig hij ronkt.Zouden wij hem kunnen doen opstaan Nero, Nero Il est dêfendu de toucher aux animaux, surtout avec des cannes.Gevoelt gij al het vernederende dezer waarschuwing Daarin is al zijn weerloosheid.Het zou hem zeer doen.
menschen, die altijd den mond van hun geluk vol hebben, heb er ik wel eens op aangezien of zij ook naar een autoriteit zochten die, na gehoord verslag, hun zou verklaren dat zij gelukkig zijn, iets waarvan zij zelf tot nog toe zoo heel overtuigd niet waren.
aankondigden de komst der notarissen, der fabrikanten, der boekverkoopers, der doctoren, der apothekers, der bloemisten, der zusters en broers enz., die nog achter ons waren. Wat zien uw stadgenooten er over t algemeen peu fashionable uit zei Nurks, met dien bijzonderen lach, die de Engelschen a sneer noemen, een zeer druk en aangenaam gesprek afbrekende en oogenblikkelijk weer opvattende, om mij het antwoorden te beletten.
overige bemerkt men nu reeds een enkel jong mensch uit deftiger stand, hetzij dan een notarisklerk of een surnumerair bij het gouvernement van Noordholland, die, daar hij geen schepsel wist 27 te verzinnen, aan wien hij na kerktijd een bezoek schuldig was, nu maar naar Stoffels stapt en, verbaasd van daar nog niemand van zijn kennis te ontmoeten, zich met den hond van den kastelein behelpt, die door zijn innemende vriendelijkheid bewijst dat mijnheer habitué is.
verschijnsel, dat ik eenvoudig toeschrijf aan de veelheid der inwoners van die hoofdstad.Ik had er voor een paar jaren nog een verren neef.Waar hij nu is, weet ik niet.Ik geloof dat hij naar de West gegaan is.Misschien heeft de een of ander van mijne lezers hem wel brieven meegegeven.
verder pleegde hij mij hetzelfde boevestuk met den uitroep Ik dacht dat er zooveel beau-monde in je menniste Haarlem was en weder vergunde hij mij niet in het midden te brengen, dat de geheele deftige middelstand nog achter onzen rug was, die niet voor een uur later, eerst door de hoogere ambtenaars, en daarna door de haute volée zou worden opgevolgd.
wenschte ik mijn medeschepselen te zien, zoo als ik ze op plaat I.van iederen prentenbijbel zie, in aardige groepen door elkander geschikt, allen in hunne natuurlijke houding den leeuw, met een opgeheven voorpoot, als op brullen staande de kaketoe, van een boomtak nederkijkende, als om te onderzoeken wat voor kleur van haar Adam heeft en niet, och, ik bid u, niet in die afschuwelijke ijzeren schommels een soort van groote lijsterbogen in eeuwige beweging 14 de boa in t verschiet, om den boom in schoone verleidelijke bochten gekronkeld, en naar den noodlottigen appel opziende den adelaar, hoog in de lucht zwevende, als een nauwelijks merkbare stip ja, dan nog veel liever geheel onzichtbaar, dan zóó als ik hem in een beestenspel zie Zoo zou het mij aangenaam en belangrijk zijn.
Hollandsche jongen is grof fiksche knieën, fiksche knokkels.Hij is blank van vel, en kleurig van bloed.Zijn oogopslag is vrij bij t brutale af.Liefst draagt hij zijn ooren buiten zijn pet.Zijn haar is van zondagmorgen half elf tot zaterdagavond, als hij naar bed gaat, in volkomen wanorde.
evenwel was hij een beste, eerlijke, trouwe jongen, prompt in zijn zaken, stipt in zijn zeden, godsdienstig, en zelfs in den grond goedhartig.Maar er was iets in hem ik weet het niet dat maakte dat ik met hem niet op mijn gemak was iets lastigs, iets impertinents, in één woord iets volmaakt onaangenaams.
dergelijk gezelschap had mijn vriend Nurks, die in de universaliteit van den elfden deelde, dan gelegenheid gehad om zijn hart te luchten over den lastigen dikken weerga een oom van een der gasten, die altijd den Haarlemmer las als hij hem wou hebben, in de eene, en den onverdragelijken langen zwiep een vollen neef van een ander der aanwezigen, in de andere, die altijd pot maakte als hij pas begonnen was carambole te spelen.
hoewel een aardigheid te zeggen het alleruitmuntendste zou zijn, en er een schat van aardigheden mogelijk is, zoo is het evenwel bijzonder opmerkelijk, hoe weinig men er dikwijls op zulk een oogenblik bij de hand heeft.Zoodat de critische hoedeninspecteur gewoonlijk de voldoening heeft eene kleine verlegenheid te weeg te zien gebracht, welke hij met demonischen wellust geniet.
trouwens even goed als ik.Wij namen plaats bij Stoffels.De onbeleefdheden, die tot nog toe alleen aan ons beiden verkwist waren, werden nu ook algemeen 28 verkrijgbaar gesteld.Ik zat nog niet, toen Nurks al uitriep, zoodat al de belendende gezelschappen het hooren konden Lieve hemel, Hild, wat hebje een mooi vest aan dat had ik nog niet van je gezien jammer dat het fatsoen een paar modes ten achteren is.
moeite niet bleek te worden de koning zal u wèl ontvangen.Maar voorzichtig stoot u niet aan dezen wat is het een reiskoffer Vergeef mij, het is een ecrin vol slangen arme reuzeslangen Hierheen Pas op die lamp druipt Stap over dien emmer, vischvijver van den pelikaan, badkuip des ijsbeers Wij zijn er.